Roedelleider of Loederlijder           (© Kaat Raes)

Om de 3 maanden een nieuw verhaal over de belevenissen van Teska, Blooper en Muppet.
De flink gezouten mening - of is het eerder met een korreltje zout? - van een heel apart hondenbaasje.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Augustus 2010: De Lynckx

Eens aangekomen in een heerlijke chalet, volledig in hout (zoals het hoort) en met een zalige open haard... grote ramen met zicht op de bergen, kijkend naar de vallende sneeuwvlokken, werd het duidelijk dat ik de eerstkomende paar dagen alleen zou deelnemen aan het "wandel"-aspect van "onze" wandelvakantie.

Niet te ontmoedigen en bovendien nog aangemoedigd door een stel hyperkinetische honden begon ik de volgende dag aan een bergwandeling van een paar uren.

Het was onvergelijkbaar zalig.

Rond dabben in maar liefs dertig centimeter sneeuw. Wit... niet zo maar wit, doch eindeloos maagdelijk wit. Dat heel speciale wit met die bijzondere blauwe ondertoon die het nog witter maakt. En op dat wit toverde de zon duizenden glinsteringen. Als diamanten gul uitgestrooid op een glooiend deken van de zuiverste wol. Zinderdende stilte, hier en daar onderbroken door een bergwatervalletje, een verre vogel, en het gesnuffel van de honden.

In de sneeuw zag ik sporen van konijnen, vossen, herten, vogels, en plots... een zorgwekkend grote pootafdruk van één of ander beest dat ik niet zo direct kon identificeren.

De rest van de wandeling verliep dus met een paranoïde knoop in mijn maag denkend aan beren die veel te vroeg uit hun winterslaap ontwaakt zijn. Het tempo verhoogde aanzienlijk.


Eens terug beneden aangekomen vroeg ik een inboorling naar de eventuele eigenaar van een dergelijke pootafdruk. Deze plaatselijke bewoner wist me daarop, nogal laconiek, en duidelijk onaangedaan te vertellen dat één of andere natuurliefhebbersvereniging er in geslaagd was de Lynx terug te laten uitzetten in de Vogezen.


Sommigen onder u zijn zich onderhand bewust van enige trekjes in mijn karakter die door moedwillige geesten als "koppig" zouden kunnen omschreven worden...


Bijgevolg besloot ik het wandelen niet te laten, doch nam als rasechte stadsmens een aantal voorzorgsmaatregelen.

Vooreerst liet ik mijn bontjas thuis. Hoewel namaak-lynx, wou ik toch vermijden dat de ontwerper van de jas een motief had gekozen waarvan een eventuele Vogese lynx zou kunnen denken dat het verdacht veel leek op de vacht van zijn, reeds lang en onder verdachte omstandigheden vermiste, tante Francine! Indien geconfronteerd met een krachtige tegenstander is het steeds aangewezen eventuele misverstanden, die tot vijandigheden aanleiding zouden kunnen geven, op voorhand uit te sluiten.

Verder nam ik ook mijn "personal alarm" mee. Een spuitbusje dat met een zeer hoge toon, een fundamenteel onaangenaam geluid maakt, dat afschrikwekkend zou moeten zijn ten overstaan van individuen die voornemens zijn een aanslag te ondernemen op de persoonlijke fysieke integriteit van de houder van zo'n spuitding.

Of die personal-alarms echt werken weet ik niet, maar ik heb nog nooit gehoord van iemand die na een overval, dewelke dus alsnog doorgang vond, alsook gesprongen trommelvliezen als letsel had! Ik hoopte dan ook uit de grond van mijn hart dat de lynx in kwestie een dergelijk manoeuver van mijnentwege inderdaad zou interpreteren als een paniekreactie om vervolgens achter minder luidruchtige pooien aan te gaan.

En aldus vervolgde ik mijn wandelingen in de bergen... Tot groot jolijt van de woefs die dus uren konden rond hossen in de sneeuw.

Tot ik de derde dag geveld werd door een onwaarschijnlijk zware buikgriep. Dewelke resulteerde in een kampement in de sanitaire voorzieningen van onze chalet en een noodgedwongen uittocht van mijn ega, teneinde de door de dokter voorgeschreven medicijnen te gaan halen. Jawel, echte mannen rijden zelf! Deze keer evenwel met bergbotinnes.

De vierde dag was ik reeds gerecupereerd, daar ik op dokters beroep doe als ware het dierenartsen, m.a.w. ze komen niet meer buiten tenzij ze me een paardenmiddel aan de hand doen!

En jawel de vijfde dag is Roger eindelijk eens mee de berg opgewandeld... enfin in zekere toch.

Na 3/4 van de klim, was hij dan toch op het geniale vraagje gekomen: "Zeg Kaat... bij het terug naar beneden gaan... welke route neem je dan?"

Ik had het moeten weten, doch was niet bijdehand genoeg om tijdig zijn strategie te vatten.

"Awel dezelfde weg he!"

"Aha... wel Kaat euh... dan zal ik hier wachten terwijl jullie naar boven gaan en vervolgens terugkomen."

"Allez jong, doe niet zo flauw..."

"Ja zeg ik zie het nut er niet van in om exact dezelfde weg 2x af te leggen, dat lijkt me nogal onzinnig!"

Dat nu juist de essentie van ons verlof uit wandelen bestond, is iemand van ons twee dus ontgaan, maar goed. Mogelijks had het feit dat de door mij voor Roger gekochte skikousen een Mickey Mouse
motiefje hadden er iets mee te maken?

Maar ach... wie had dat gezien... behalve die lynx?

lynx1

lynx2

-----------------------------------------------------------------------------------------------------

April 2010: Honden toch maar weggedaan

Enige jaren geleden hadden mijn man en ik besloten om van onze wintervakantie een wandelvakantie te maken voor de woeffers… en trokken we naar de Vogezen.

Daar het wel degelijk de bedoeling was dat mijn man deze keer mee deel zou nemen aan de gezamenlijke inspanning van de roedel, moest er terdege rekening gehouden worden met het feit dat hij dit totaal niet gewend was.

Hoewel je deze realiteit aan geen hond verkocht zult krijgen is het in dit millennium en in ons gezin toch zo dat de “baas” de kostwinner is en het eten binnenbrengt (althans het geld om dat te kopen) zonder effectief nog één poot in de wilde natuur te zetten.

De “roedelleider” zit geblokkeerd achter een bureaustoel geconcentreerd te staren naar een computer die totaal niet beweegt en in de ogen van een hond vooreerst, al lang goed en wel dood is, en, ten tweede, totaal niet eetbaar is.

Nochtans is dit de manier waarop we er in slagen de roedel te voorzien van vlees, koekjes en kluiven. Het is ook het systeem dat het mogelijk maakt dat het vrouwtje de tijd kan vrijmaken om urenlang met het stelletje harige piraten de bossen in te trekken… Een bezigheid die, eigenaardig genoeg, geen vlees, of kluiven oplevert.

Hoe dan ook, onze teergeliefde roedelleider moest dus liefdevol voorzien worden van een goede uitrusting die hem in staat zou stellen zich vlot te bewegen in de wilde natuur. Ik had voor mijn man dus een paar stevige bergbottines gekocht met bijbehorende echte wollen skikousen met een, vond ik, schattig Mickey Mouse motiefje.

Aangezien hondjes niet echt in staat zijn om op zeer lange termijn anticipatief te denken was het onmogelijk hun diets te maken dat we wel gingen wandelen en véél, maar pas binnen een uur of vijf.

Dus zat het stelletje als een bende opgedraaide krekels in de auto en begonnen ze te zeuren bij elke boom die niet alleen stond. Omdat dit naar hun normen dan een “bos” was en de wandeling dus zou beginnen.

Hoewel we om de twee uur stopten voor “ het even strekken van de poten”, was dit uitje, qua duur en afstand helemaal niet gelijk aan de urenlange wandelingen die ze gewoon zijn.
Hierdoor werd de frustratie bij onze harige huisgenootjes alleen maar groter en tegen dat we aangekomen waren op de bestemming waren ze ronduit een wandelende reclame voor Valium.

Aangezien we voor drie weken een afgelegen bergchalet gehuurd hadden, besloten we eerst in de dichtstbijzijnde winkel een voorraad in te slaan alvorens naar de vakantiewoning te gaan.

Dus werd er gestopt op de parking van een plaatselijk warenhuis. En we spraken af dat mijn man daar nog even de hondjes zou uitlaten terwijl ik de boodschappen deed.
Een mooi beeld van het klassieke rollenpatroon: het vrouwtje loopt in de winkel te hossen, terwijl het mannetje, als een echte vent, met een stelletje wilde honden op de hort gaat.

Voor hij uit de wagen stapte maakte ik hem er evenwel nog op attent dat we nu volop in de ondergesneeuwde bergen zaten op een volledig beijzelde parking. Misschien deed hij er goed aan nu al zijn bergbottines aan te trekken?

Mogelijks is mijn voorliefde voor Terriërs te verklaren door het feit dat ik een zwak heb voor “koppige” wezens. Zo ook is mijn echtgenoot een ontzettend tegendraads figuur… Bijgevolg vertikte hij het pertinent om mijn suggestie over de bergbottines op te volgen.
Anderzijds is het niet uitgesloten dat hij een mannelijk imagoprobleempje had met het zo mooi op zijn skikousen geborduurde Mickey Mouse motiefje.

Ik ging dan maar het warenhuis in, en hij stapte met zijn zwarte laqué stadsschoentjes uit de wagen om een stel hyperkinetische honden aan te lijnen dat er absoluut van overtuigd was dat nu eindelijk de jacht goed en wel kon beginnen.

Na een hele zoektocht in een mij onbekende winkel had ik eindelijk het karretje volgeladen met alles wat we dachten zoal nodig te hebben in een ondergesneeuwde Bergchalet. Geduldig stond ik nu aan de kassa aan te schuiven achter een lange rij wachtenden voor me.
Iedereen verveelt zich op zo’n momenten, en warenhuisarchitecten doen hun uiterste best om het winkelpubliek nog enige afleiding te bezorgen tijdens dergelijke dode ogenblikken. Meestal staan de kassa’s dus opgesteld voor een reusachtig raam dat uitzicht biedt op de parking. Zodat de verveelde klant toch nog enige afleiding geboden kan worden tijdens het lange wachten.

Iedereen was dus aan het kijken naar een net uitgedost stads meneertje dat rondliep met een trosje aangelijnde zenuwachtige Terriërs die maar niet begrepen waarom ze niet van de riem mochten en die alle kanten opstuiterden… Het meneertje zelf deed verwoedde pogingen om zijn evenwicht te bewaren op een paar blinkende molières die akelig glad leken voor de volledig beijzelde parking.

Het onvermijdelijke gebeurde dan ook… Op het moment dat de honden niet meer in tegengestelde richtingen trokken maar allen eensgezind hun “roedelleider” met een plotse ruk dezelfde kant op pleurden, was het resultaat een uitermate bizar "vreugde-"sprongetje, waarbij diens benen plots in horizontale positie gingen en dat uiteindelijk resulteerde in een zeer snelle daling richting begane grond... waarna hij met zijn volle gewicht op zijn schouder kletterde!

Vermoedelijk nog steeds begaan met het eerder aangehaalde “mannelijk imago” krabbelde mijn man snel recht en stond daar met een troepje honden dat het hele zaakje nu voor geen haar meer vertrouwde en zo snel mogelijk terug de auto in wou!

Tot overmaat van ramp lekte er al enkele weken "cervostuurvloeistof" (of hoe dat ook moge heten) uit het stuur van onze Landrover en werd de reeds zwaar belaste schouder nog meer op de proef gesteld, zeker op de kronkelige wegen in de bergen.

Om een anticiperend antwoord te geven op uw pertinente vraag: "Echte mannen rijden zelf! Ongeacht de omstandigheden!"

Weken later had mijn man dan ook ontzettend veel last van zijn schouder. Slapeloze nachten van de pijn, onhoudbare krampen bij het geblokkeerd, nu letterlijk, achter de computer zitten leidden uiteindelijk tot een onvermijdelijk bezoekje aan een kinesitherapeuthe.

In de wachtzaal werd hem gevraagd een fiche in te vullen met daarop, onder andere, de vraag naar zijn eventuele sportieve activiteiten. Mijn man vulde in: “’s morgens op staan!”. Wat ook een eerlijk antwoord was.

De kinesitherapeuthe stelde vast dat hij een “golfschouder” had. Waarmee alweer eens het voordeel van het houden van honden onweerlegbaar is aangetoond. Je kunt je beroepen op een dure snobistische aandoening zonder dat het je ook maar één Euro aan afschuwelijk hoge golfclub lid gelden gekost heeft.

Terug thuisgekomen na een uitgebreide massage sessie, voelde hij zich een pak beter.
Hij vond het een gèwéldige kinesitherapeuthe. Alleen hoopte hij haar nooit per ongeluk ergens tegen te komen terwijl we op stap waren met onze hondjes….

Hoezo?” vroeg ik…

Wel”, zei hij, “ik heb haar verteld dat ik omver getrokken ben door mijn 2 Deense Doggen…”

“Ach man… Had dan toch gewoon eerlijk toegegeven dat je in elkaar getimmerd bent door Mickey Mouse…”

hondenhondenhonden

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------

september 2009: Muppet

Zoals gezegd ben ik wat je kunt noemen: “een veeladoptant” van KMDA-asielhondjes.

Zo ben ik begonnen met 2 exemplaren: Blooper & Teska. Vorig jaar is de derde Musketier daar bij gekomen.

Ik kreeg Muppet, een kruising Basset-Jack Russell, toen ze geschat werd op 4 maanden. Ze was gevonden, achtergelaten, vastgebonden aan een boom en vertoonde uitdrogings- en uithongeringsverschijnselen.

Haar vorige eigenaars hadden haar diep in een bos achtergelaten, vermoedelijk om te vermijden dat iemand het hen zou zien doen. Dat het gevolg dan ook was dat het lang kon duren eer een toevallige passant het pupje vond, vroeg helaas te veel energie van hun, volledig op hun eigen belangen gerichte, hersencellen.

Daar ik tot nu toe enkel volwassen asielhonden in huis had genomen was het wel weer even wennen aan de mallotigheid van een jonge pup.

Een hond kan sowieso al z’n baas verbazen met de meest vreemde plannen. Een pup draagt dit talent in zich voor meer dan het driedubbele.

 

Eerlijkheid gebeid me evenwel te zeggen dat het hele “kindergebeuren” met Muppet reuze mee viel, en dat ze een erg gemakkelijk hondje was dat zeer snel leerde.

Ze werd al snel proper in huis. In totaal werden tot op heden slechts zeven illegale plasjes gedetecteerd, wat bijzonder weinig is.

En enkele luttele pogingen van Muppet om haar tandjes in de meubels of de tapijten te zetten werd allen tijdig onderbroken door een “héhéhéhéhé” die een enkele keer gevolgd moest worden door een grom (bij het kokostapijt dat blijkbaar erg verleidelijk was). En aangezien ze toen opnieuw begon, heeft ze geleerd dat na grommen bijten komt, en kreeg ze een Crock’s sloef in d’r buurt gekeild. Toen was het tapijt ineens de moeite niet meer om correctioneel sanctioneerbare risico’s te lopen.

Derhalve is het enige dat tot op heden ten prooi gevallen is aan haar tanden mijn auto.
In een vlaag van overmoed, omdat alles zo vlotjes loopt, had ik haar samen met Blooper en Teska even alleen gelaten in de auto toen ik snel een batterijtje ging kopen in de fotowinkel.
Eerdere oefensessies mbt het alleen blijven in de wagen waren allen probleemloos verlopen.

Al bij al was ik maar 5 minuten weg… Maar dat was voor Mupperdepupper tijd genoeg om een, door slijtage, reeds aanwezig gat in de zetelbekleding te ontdekken.
Wat er toen gebeurd is, ging dan vermoedelijk als volgt:
“hé een gat!”
“wat zou daar in zitten?”
“snuffel snuffel snuffeldesnuf”
“hmmmzzz er zit schuimmousse in”
“zou er onder die schuimmousse nog wat anders zitten?”
“gnabbel gnabbel gnabbeldegnap”
“neen niets anders dus…”
“Nou hier valt ook geen bal te beleven zeg! Dan maar slapen… zzzzzzzzzz”

Het was dan ook maar een minieme schade, aan iets dat toch al kapot was…. En uiteindelijk is het ook een “hondenbak”.
Hoe zichtbaarder dat is hoe beter, dan zetten de “ecoterroristen” misschien mijn banden niet meer plat omdat ik, als eigenaar van 3 honden, met een 4 x4 rijdt!

Na alle miserie met Blooper, sta ik eigenlijk versteld van het gemak waarmee Muppet zich liet opvoeden.

Eigenaardig genoeg is het weinige waar ze zich tijdens haar socialisatie tot nu toe druk om maakte het waaien van de wind in de populieren!?!???
Terwijl een mens toch zou denken dat ze nu wel lang genoeg in het bos aan een boom heeft gehangen om dààr aan gewend te zijn.
Maar ja de ene boom is duidelijk de andere niet!

Voetballen deed het kleine spul ook al. Vanzelfsprekend niet met dezelfde behendigheid als Bloops en Tesje, maar het was in ieder geval een “jonge belofte”.

Bij mensen is ze een groot succes. Ze is er dol op. En omdat ze de onderkant van een Basset hound heeft en de bovenkant van een Terriër word ik dikwijls aangesproken met de vraag wat voor een eigenaardig ras dat nu eigenlijk is. Mijn standaard-antwoord is dat het een zelfbouwpakket was dat we in de afslag gekocht hebben. Op de doos stond: “Hond zwart/wit”!

Met haar dikke Basset-poten, dribbelt Muppet helemaal niet zoals een JRT. Ze ploft met haar poten, en heeft zo’n slungelachtig loopje dat wat lijkt op dat van een Hippie die de weg naar Woodstock al lang kwijt is.
Het doet me allemaal wat denken aan een werknemer die op de “casual-dress-day” in z’n bedrijf naar het bureau komt met zwemvliezen aan.

Ook lichaamsbeheersing en behendigheid zijn geen vanzelfsprekende zaak met die kloeffers. Er gaat vermoedelijk zo veel bloed naar die poten, dat haar hersens pas luttele minuten later aan de weet komen wat het onderstel gedaan heeft.

Wat die poten betreft, denk ik ook dat het niet nodig zal zijn Muppet te leren zwemmen.
Volgens mij kun je met zo’n kluivers van poten zonder enig probleem op het water lopen!

In elk geval haar bijnaampje is “Kabouter Plop” geworden.

Met Teska ging het van in’t begin geweldig, regelmatig wordt er samen gespeeld. Tesje reageerde helemaal niet kleinzerig op de pup, die in haar nek, kaken en oren poogt te happen.

Blooper mopperde eerst nog wel, maar hij zat al gauw in de fase van “grommen uit principe”.

Muppet had trouwens perfect door waar deze “grom-grens” lag en ze tastte die af tot op de limiet. Daarbij steeds wat opschuivend naar de uiterste randjes van Bloopers verdraagzaamheid.

De volgende fase was dat Blooper gromde, maar zelf niet goed meer wist waarom eigenlijk… en uiteindelijk is Muppet nu zijn allerbeste vriendinnetje geworden. Die twee zijn werkelijk aan elkaar verkleefd, letterlijk soms.

Ach ja Blooper, hebberig als hij is, had het eerst wat moeilijk dat hij moest delen met een derde hondje…
Ik heb hem al proberen wijs te maken dat “méér gedeeld door drie” niet inhoudt dat hij dus minder heeft dan vroeger.
Maar strikt wiskundig gezien blijft hij er halsstarrig bij dat “méér gedeeld door drie”, nog stééds minder is voor hem, dan ware het verdeeld geweest onder twee!


Onderwijl zit Muppet hier aan de ingang van de deur naar haar reusachtige tuin te staren.
Vermoedelijk vindt ze’t hier allemaal nog zo slecht niet en denkt ze:
“Nou, ik vind het wel geweldig dat ze hier al die bomen hebben weg gehaald… want daar heb ik het niet zo mee…”

Groetjes van Kaat en haar 3 Musketiers…

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

juni 2009: Je kan maar één keer een éérste indruk maken:

Het moet gezegd… Ik vind het een hele eer mijn prietpraat en hondengeleuter hier gepubliceerd te zien. En al helemaal als er dan voor de duidelijkheid nog een foto bij gezet wordt. 

 

Aangezien enige ijdelheid me niet vreemd is, vroeg ik me met een glimlach af wat de artsen van mijn dierenkliniek zouden denken als ze de foto zien en mijn kleine meid, Teska, klaarblijkelijk in professionele kringen een B.H. (*) geworden is. 

 

Ineens daagde het me evenwel dat vermoedelijk bij de betrokkenen enig gevoel van “verlossing” zou kunnen primeren. Meer bepaald omdat mijn Jack Russell reutje, Blooper, niet mee op de foto staat! Wat verwarring kan wekken.

 

Ik kan me al levendig de vreugdekreten voorstellen die tegen de muren van mijn dierenkliniek weergalmen: “Hoera, ze is hem kwijt! De harige etter is ergens hopeloos verloren gelopen in het Franse platteland, en we zijn er voorgoed vanaf!” 

Het moet gezegd een T-shirtje met als opschrift: “I hate everybody, and your next”… zou Blooper niet misstaan. 

 

De eerste kennismaking met Blooper en het dierenartsenteam verliep al problematisch.

Ik had hem, samen met Teska, dezelfde dag nog uit het asiel gehaald, en besloot mijn nieuwe adoptantjes te trakteren op een gigantisch lange bullepees van wel één meter lang. Zodra Blooper dat ding in de gaten kreeg, gingen zijn oren en staart plat, en kroop hij, grommend, met zijn buik tegen de grond aan, onder de kast. Toen wist ik dat ik een groot probleem had! Met name een mishandelde hond met een aanzienlijke vertrouwenscrisis. In het asiel was de leeftijd van Bloops geschat tussen de 5 à 7 maanden… Derhalve was zijn socialisatieperiode een ramp geweest. 

Niet veel later diezelfde avond, viel hij gewoon flauw… voor heel even maar… Doch dat was voor ons lang en zorgwekkend genoeg om de dierenarts op te trommelen en diens vrije avond naar de mallemoeren te helpen. En zo leerde hij mijn Blooper kennen! 

Wat ik al vreesde bleek ook het geval te zijn: Blooper had een hartsgrondige hekel aan mensen. Groot was mijn ontsteltenis, en zo mogelijk nog groter was de ontsteltenis van mijn DA. Immers de laatste overlevende van mijn twee vorige honden, Kwik, was een brave sul. Toegegeven een kleinzerige sul, maar braaf desalniettemin. 

Kwik’s kleinzerigheid was berucht. Zo wist hij precies in welke schuif de spuitjes lagen, en zodra die schuif open ging begon hij te gillen en te krijsen. Vermoedelijk hielp hij daarbij menig ander dier in de wachtkamer aan een scheve navel van de schrik, maar dat interesseerde hem geen barst, hij verkeerde in doodsnood! Bijten of grommen deed ie echter nooit. 

 

Eigenlijk is dit een wonder dat me dikwijls verbaasde… Je hond weet dat hij soms pijnlijke behandelingen moet ondergaan door de “man of vrouw met de witte jas”… en toch blijft hij relatief kalm. Het lijkt alsof je hem op de één of andere manier kunt duidelijk maken dat ie soms moet lijden voor z’n eigen goed. Toegegeven ze staan er soms rillend met grote blauwe ogen… maar toch laten de meeste heel wat toe.  Dikwijls dingen die je niet met een wolf in de wilde natuur zou moeten proberen, tenzij je acute zelfmoordneigingen hebt. (Indien dat laatste effectief het geval is zou ik trouwens aanraden een poging te doen om de anaalklieren uit te nijpen). 

 

Dit “wonder” ontging Blooper echter volledig, met als gevolg een wilde worsteling ten einde hem een muilbandje aan te doen. Ik stond er op om dat zelf te doen, aangezien de handen van een arts zijn broodwinning zijn. Omdat ik nog nooit zo’n ding van dichtbij gezien had, duurde het wel even eer eindelijk het onderzoek kon plaatsvinden. De diagnose, voor zo ver mogelijk, luidde dat Blooper vermoedelijk en enkel en alleen door de emotie het bewustzijn verloren had. Ik was al lang blij dat mijn DA niet aan een dergelijke kwaal leed, anders had ik die ook al terug tot leven moeten wekken, na alle ellende met deze Jack Russell op z’n behandeltafel… 

 

En dit was het begin van een langdurig verstoorde verhouding tussen mijn kleine ventje en zijn dokters.  

Ik heb Blooper nu bijna 6  jaar bij me. En het heeft 7 lange maanden geduurd eer we eindelijk een begin van vertrouwen bij hem bespeurden. Met veel geduld en liefde hebben we het zo ver gebracht dat we “de kleine” kunnen borstelen, baden, droogföhnen, kussen en knuffelen.

 

Kortom mijn man en ik kunnen er àlles mee doen. Voor ons is het een allerliefst hondje, dat van een verwilderde angstagressieve woesteling getransformeerd is in een verwend, gesetteld, burgermannetje. “Meneerke Beulemans” is dan ook zijn bijnaampje. 

 

Maar “meneerke Beulemans” is nooit nog zo ver gekomen dat hij andere mensen het krediet van zijn vertrouwen geeft. Hij moet ze eenvoudigweg niet! Bijgevolg staat “meneerke Beulemans” gemuilkorfd op de behandeltafel, terwijl het speeksel uit zijn bek druipt, en luchtbelletjes van snot aan zijn neus afwisselend groter en kleiner worden. Had ie geen haar op z’n kopje gehad, zou je vermoedelijk kunnen zien dat het roodachtig tot paars aangelopen was… Een beetje zoals het hoofd van mijn DA als die met Blooper aan de slag moet. Standaard ook knijpt Blooper van pure razernij z’n eigen anaalkliertjes leeg… Zijn ultieme statement, die weergeeft hoe hij over de gang van zaken denkt! 

 

Wat mijn dierenkliniek betreft, bemerk ik dus nog altijd zorgelijke blikken, als ze mij in de gaten krijgen in de wachtkamer met Teska en “Meneerke Beulemans”. Zo ook is nog steeds duidelijk de opluchting op hun gelaat vast te stellen, als ik zeg dat Tesje de patiënt van dienst is. Hoewel ik al lang niet meer moet worstelen om Blooper z’n muilbandje om te doen… hij gaat er rustig voor zitten, en laat me begaan. Terwijl hij toch weet wat er komen gaat, namelijk dat die “akelige meneer met z’n witte jas” aan zijn lijfje gaat prullen…

 

Dat vind ik, al bij al, toch ook een klein “wonder”. 

 

Tot slot, voor mijn dierenartsenpraktijk: slecht nieuws… “meneerke Beulemans” is er nog steeds, zoals jullie kunnen zien:

* B.H. = bekende hond

NAAR BOVEN


Home                   © Swaeneke 2008                 Contact asiel           Contact webmaster